Slapeloosheid
Slapeloosheid wordt door het NHG gedefinieerd als een slaapstoornis die zich kenmerkt door drie of meerdere keren per week klachten van slecht slapen met nadelige gevolgen overdag zoals vermoeidheid, verminderde concentratie en verhoogde prikkelbaarheid (NHG-Richtlijnen, 2026).

Slaapproblemen bij ouderen
Slapeloosheid heeft een ernstig negatieve invloed op de kwaliteit van leven en het dagelijks functioneren van ouderen. Het beïnvloedt hun cognitieve, fysieke en emotionele gezondheid. Doordat slapeloosheid een subjectieve ervaring is, kan het moeilijk kwantificeerbaar zijn. Vaak wordt slapeloosheid veroorzaakt of verergerd door factoren zoals rouw, een recente verhuizing, angst, opname in een instelling, polyfarmacie of comorbiditeiten, die niet altijd worden meegenomen in zelfrapportage-instrumenten voor slaaponderzoek (Wang et al., 2024).
Uit onderzoek blijkt dat postoperatieve slapeloosheid bij ouderen veel voorkomt en significant samenhangt met de uitkomsten van revalidatie. Het identificeren van beïnvloedbare factoren kan bijdragen aan gerichte interventies om het herstel na een operatie te verbeteren (Berkley et al., 2020).

Niet medicamenteuze vs. Medicamenteuze behandeling
Volgens de NHG-richtlijnen (2026) worden slaapmiddelen bij slapeloosheid meestal niet aanbevolen. Voor veel patiënten wegen de voordelen niet op tegen de mogelijke nadelen. Daarnaast zorgen slaapmiddelen niet voor een blijvende verbetering van het slaappatroon, omdat ze geen verandering in gedrag of slaapgewoonten stimuleren.
Een van de nadelen van slaapmedicatie is het volgende:
Het gebruik van benzodiazepine-agonisten kan negatieve effecten hebben op de psychomotoriek. Het risico op vallen neemt toe, met name bij ouderen. Onderzoek laat zien dat gebruikers van benzodiazepinen een verhoogde kans hebben op vallen en botbreuken, zoals heupfracturen. Ook blijkt dat gebruikers van kortwerkende benzodiazepine-agonisten bijna twee keer zoveel kans hebben op herhaald vallen in vergelijking met niet-gebruikers. Verder is er een verhoogd risico op fracturen bij het gebruik van deze middelen (NHG-Richtlijnen, 2026)

Probleemstelling
In de praktijk op afdeling Het Zwaantje wordt vaak primair gekozen voor medicamenteuze behandeling, terwijl de geldende richtlijnen aangeven dat niet-medicamenteuze interventies de voorkeur hebben. Binnen de organisatie is een niet-medicamenteuze behandeling beschikbaar; deze is echter nog niet bekend op de revalidatieafdeling.
Maak jouw eigen website met JouwWeb